Hoe nu verder met de illegale Windmolens in zijpe

 Schriftelijke vragen en antwoorden op de statenvragen van Dhr D.J.  van der Sluijs (PVV)

Vragen nr. 10

Aan de leden van Provinciale Staten van Noord-Holland

Haarlem, 2 april 2013

Vragen van de heer

D.J. van der Sluijs

(PVV) inzake hoe nu verder met de windmolens te Zijpe (nu gemeente Schagen).

De voorzitter van Provinciale Staten van Noord-Holland deelt u overeenkomstig het bepaalde in artikel 45 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van Provinciale Staten mede, dat op 13 februari 2013 door het lid van Provinciale Staten, de heer

D.J. van der Sluijs  (PVV) de volgende vragen bij Gedeputeerde Staten zijn ingekomen.

Inleiding

De heer D.J. van der Sluijs wil vragen stellen over windmolen te gemeente Zijpe (inmiddels opgegaan in gemeente Schagen). In het Noord Hollands Dagblad van 12 februari 2013 staat te lezen dat de voormalige gemeente Zijpe in het ongelijk is gesteld over een verleende vergunning voor een windmolen. Raad van State (RvS) heeft de rechter, die vergunning nietig had verklaard, in het gelijk gesteld.

 De aanvrager heeft destijds onjuiste gegevens aangeleverd bij de vergunningsaanvraag. Toen de omwonenden er achter kwamen dat conform het bestemmingsplan de turbines niet vergund mochten worden, ontstond massaal protest van de omwonenden. Daarop hebben alle omwonenden zienswijzen ingediend. Na meerdere rechtszittingen, tot de raad van State aan toe, bleef de gemeente Zijpe telkenmale en tevergeefs volharden om de vergunning afgifte mogelijk te maken. Zijpe is hierin door de raad van State in het ongelijk gesteld.

Eenzelfde situatie speelt zich af rondom een illegale windturbine op de Grote Sloot 158 in diezelfde gemeente Zijpe. Ook hier blijft de gemeente Zijpe hardnekkig volharden om ook hier, ondanks illegaliteit, alsnog vergunning afgifte na 6 jaar mogelijk te maken. Omwonenden blijven continue geconfronteerd worden met monotoon gedreun en overlast, woningafwaardering en ontbreken van woon- en leefgenot.

 De gemeente Zijpe is 1 jan 2013 opgegaan in de gemeente Schagen. Wethouder duurzaamheid van de nieuwe gemeente Schagen exploiteert eenzelfde type windturbine als op Grote Sloot 158.

 Vragen

 1. Hoe gaat de provincie om met colleges waarvan blijkt dat gemeenteraadsleden en wethouders achter de schermen zelf belanghebbenden zijn inzake windmolen exploitatie? De namen van deze personen zal ik om privacyredenen separaat aan het college doorgeven. Graag een gemotiveerd antwoord?

 2.Is het college het met de PVV eens dat de integriteit van deze bestuurders ernstig te kort schiet? Er is hier namelijk sprake van “meer dan de schijn van belangenverstrengeling”, wat in de politiek gezien wordt als een doodzonde. Is het college het hier mee eens? Zo nee, waarom niet?

3. In communicatie naar de tweede kamer en provincie doen gemeenten een beroep voor betere bescherming van burgers, terwijl uit de praktijk het tegenovergestelde blijkt. Zo concludeert ook de meervoudige kamer van de rechtbank van Alkmaar. Nu voeren gemeenten rechtszaken tegen omwonenden en provincie om illegaliteit te kunnen legaliseren, in plaats van het bieden van gezamenlijke burgerbescherming. Welke acties onderneemt de provincie richting deze gemeenten om dit proces te doorbreken? Graag een gemotiveerd antwoord.

4. Is er al een exacte zittingsdatum bekend om de zaak mbt de Grote Sloot 158 tussen provincie en gemeente af te kunnen wikkelen? Zo nee, wanneer verwacht het college dat deze datum bekend zal zijn?

5. Omwonende Mw. Vonk heeft zich mogen voegen als belanghebbende in deze zaak (Grote Sloot 158). Is het mogelijk dat de provincie haar juridisch (laat) bijstaan daar er een gemeenschappelijk belang in deze is, nl het niet vergunnen van een overlast gevende illegale windturbine. Zo nee, waarom niet?

 6. Welke mogelijkheden ziet de provincie om deze zaak al dan niet buiten de rechtszaal spoedig voor omwonenden tot een oplossing te kunnen dwingen? Graag een gemotiveerd antwoord.

 7. Dit hele proces is niet in het belang van de burgers en ook niet in het belang van de Provincie Noord Holland. Welke middelen heeft de provincie om dit soort excessen van overlast en jarenlange getraineer van procedures door lokale overheden te kunnen bespoedigen naar oplossende richtingen?

 Ons antwoord aan provinciale staten luidt als volgt:

 

Vraag 1: Hoe gaat de provincie om met colleges waarvan blijkt dat gemeenteraadsleden en wethouders achter de schermen zelf belanghebbenden zijn inzake windmolen exploitatie? De namen van deze personen zal ik om privacy redenen separaat aan het college doorgeven. Graag een gemotiveerd antwoord?

 Antwoord 1: De zaak rond de windturbine aan de Grote Sloot 158 is onder de rechter. Wij doen hierover geen uitspraken omdat dit de rechtsgang kan schaden. Ons is niet gebleken dat het optreden van de gemeente Schagen inzake de windturbine aan de Grote Sloot 158 wordt beïnvloed door private belangen van een wethouder met betrekking tot de exploitatie van een andere windturbine.

 Vraag 2: Is het college het met de PVV eens dat de integriteit van deze bestuurders ernstig te kort schiet? Er is hier namelijk sprake van “meer dan de schijn van belangenverstrengeling”, wat in de politiek gezien wordt als een doodzonde. Is het college het hier mee eens? Zo nee, waarom niet?

 Antwoord 2: Zie ons antwoord op vraag 1. Wij hebben naar aanleiding van uw vragen gesproken met de burgemeester van Schagen om na te gaan hoe de verhoudingen liggen. Wij hebben kennis genomen van de maatregelen genomen door het college van B&W, die erop gericht zijn dat de portefeuillehouder voor windenergie geen private belangen heeft in een windturbine. Verder gaat het om een verantwoordelijkheid van het college van B&W. Wij gaan ervan uit dat het college van B&W toeziet op het voorkomen van (de schijn van) belangenverstrengeling.

 Vraag 3: In communicatie naar de Tweede Kamer en provincie doen gemeenten een beroep voor betere bescherming van burgers, terwijl uit de praktijk het tegenovergestelde blijkt. Zo concludeert ook de meervoudige kamer van de rechtbank van Alkmaar. Nu voeren gemeenten rechtszaken tegen omwonenden en provincie om illegaliteit te kunnen legaliseren, in plaats van het bieden van gezamenlijke burgerbescherming. Welke acties onderneemt de provincie richting deze gemeenten om dit proces te doorbreken? Graag een gemotiveerd antwoord.

 Antwoord 3: Wij streven ernaar om in goede samenwerking met gemeenten te komen tot een juiste uitvoering van het provinciaal ruimtelijk beleid aangaande windenergie op land. Dit doen wij onder meer door ambtelijk vooroverleg, waarbij ambtenaren van de provincie periodiek gemeenten bezoeken. Desondanks kan er een verschil van inzicht ontstaan. De provincie kan instrumenten inzetten, waaronder een zienswijze tegen een ontwerp besluit en daaropvolgend een reactieve aanwijzing of beroep. Inzake de windturbine aan de Grote Sloot 158 procedeert de gemeente tegen een besluit van de Provincie. De provincie is niet bij machte om gemeenten te weerhouden de gang naar de rechter te maken als zij meent een grond te hebben om contrair te beslissen. Met het oog op een goed functioneren van de Rechtsstaat en Trias Politica achten wij dit ook ongewenst.

Vraag 4: Is er al een exacte zittingsdatum bekend om de zaak mbt de Grote Sloot 158 tussen provincie en gemeente af te kunnen wikkelen? Zo nee, wanneer verwacht het college dat deze datum bekend zal zijn?

 Antwoord 4: Nee, er is geen zicht op een datum.

 Vraag 5: Omwonende Mw. Vonk heeft zich mogen voegen als belanghebbende in deze zaak (Grote Sloot 158). Is het mogelijk dat de provincie haar juridisch (laat) bijstaan daar er een gemeenschappelijk belang in deze is, nl het niet vergunnen van een overlast gevende illegale windturbine. Zo nee, waarom niet?

 Antwoord 5: Nee, daar zien wij geen reden toe, aangezien de provincie in beginsel geen burgers en bedrijven ondersteunt in de rechtsgang. Hierop een uitzondering maken geeft ongewenste precedentwerking. Bovendien heeft een dergelijke ondersteuning geen toegevoegde waarde, aangezien het belang van mevrouw Vonk geborgd wordt door het verweerschrift van de provincie. De provincie en mevrouw Vonk hebben immers een parallel belang.

 Vraag 6: Welke mogelijkheden ziet de provincie om deze zaak al dan niet buiten de rechtszaal spoedig voor omwonenden tot een oplossing te kunnen dwingen? Graag een gemotiveerd antwoord.

 Antwoord 6: Aangezien de zaak onder de rechter is, zullen wij op dit moment niet interveniëren, in afwachting van de uitspraak. Zie ook het antwoord op vraag 3.

 Vraag 7: Dit hele proces is niet in het belang van de burgers en ook niet in het belang van de Provincie Noord Holland. Welke middelen heeft de provincie om dit soort excessen van overlast en jarenlange getraineer van procedures door lokale overheden te kunnen bespoedigen naar oplossende richtingen?

 Antwoord 7: Zie antwoord op vraag 3.

 

This entry was posted in Laatste nieuws. Bookmark the permalink.

Comments are closed.